Als wij bij een christelijke begrafenis aan het graf staan, dan klinken altijd de woorden van de apostolische geloofsbelijdenis. De laatste twee regels luiden: ik geloof in de wederopstanding des vlezes en een eeuwig leven.  Ik vermoed dat velen van u geloven in een eeuwig leven van de ziel. Maar de wederopstanding van het lichaam? Zou dat echt zo zijn? Kunnen we daar eigenlijk wel wat van weten? Toen aan majoor Bosshardt gevraagd werd: Wat verwacht u van het eeuwige leven? zei ze: Ik laat me maar verrassen.

Nu gebiedt de eerlijkheid te zeggen dat in de dagen van het oude testament velen meenden dat de grootste zegen die God zijn kinderen kon geven een lang leven was op aarde. Men geloofde algemeen dat wie sterft naar het dodenrijk gaat, waar geen besef of herinnering is. Stof ben je en tot stof zul je terugkeren. Met name in het boek Prediker wordt die gedachte uitgewerkt. Daarom noemt die schrijver alles ijdelheid en zinloosIn het oude testament wordt in latere geschriften wel over een leven na dit leven en over een wederopstanding gesproken, zij het mondjesmaat. Pas in het licht van het open graf van Jezus en de verschijning van de verrezen Christus komt de boodschap van de wederopstanding centraal te staan. Zoals Jezus is opgestaan als eersteling van hen die gestorven is, zo zullen wij ook opstaan. Ik ben de Opstanding en het Leven, wie in Mij gelooft zal leven, ook al is hij gestorven. En die belofte van onze Heer is een enorme troost voor ons, wanneer wij in de komende kerkdienst op de laatste zondag van het kerkelijk jaar, onze gestorven geliefden gedenken.

Ik besef dat het geloof in een eeuwig leven waarbij we een nieuw opstandingslichaam krijgen ons verstand te boven gaat. Als we ons sceptisch afvragen hoe dat kan bestaan, dat ons vergankelijk lichaam transformeert in een nieuw geestelijk lichaam na de dood – dan begrijp ik die scepsis, alleen ik zou willen tegenwerpen: Kunt u dan wel verklaren hoe het komt, dat u en ik überhaupt op deze aarde rondlopen? Is ons bestaan hier en nu niet net zo goed een Godswonder? En als God ons het leven hier en nu kan geven, waarom zou Hij ons dan niet straks een leven kunnen geven in de eeuwigheid? Majoor Bosschardt heeft gelijk. Laat u verrassen: God kan en wil en zal in nood, zelfs bij het naderen van de dood, volkomen uitkomst geven (Psalm 68:10).

          Koos Staat